Promovendus en Gerechtsauditeur;

Niet alleen kan er naast het werken aan het proefschrift gedoceerd worden aan de universiteit, ook werken op het wetenschappelijk bureau van de Hoge Raad behoort tot de opties. Mr. Richard van Elst vertelt graag over zijn loopbaan als wetenschapper om jullie bekend te maken met de werkzaamheden van een medewerker op het wetenschappelijk bureau van de Hoge Raad.

De actieve student                                                                                                                  

Richard van Elst heeft in Leiden zijn opleiding Rechtsgeleerdheid afgerond. Allereerst zijn propedeuse, gevolgd door twee jaar Nederlands recht en afsluitend een differentiatiejaar gericht op het strafrecht. Daarbij volgde hij ook enkele civielrechtelijke vakken en tevens vakken van de afstudeerrichting klinische psychologie. Zijn interesse voor het strafrecht heeft namelijk altijd gelegen in de mens achter het begane strafbare feit. Hij vond het interessant om te leren over persoonlijkheid- en ontwikkelingsstoornissen en breidde dan ook zijn materiële en processuele strafrechtelijke vakkenpakket uit door het volgen van deze vakken. Het was toentertijd mogelijk om zes jaren over de gehele studie te doen en hij heeft met name voor zijn masterscriptie deze tijd goed besteed. Zijn scriptie betrof een onderzoek naar verraders in de Tweede Wereldoorlog die na deze tijd werden vervolgd en berecht. Zijn interesse strekt zich namelijk ook uit naar de reactie op massale criminaliteit waarbij de handhaving van normen soms wegvalt en mensen wordt gevraagd iets te doen wat men normaal nooit zou doen. Dit is echter niet het enige dat Richard bezigde tijdens het afronden van zijn studie. Gelet op zijn interesse in de berechting van oorlogsmisdadigers die hij deelde met zijn scriptiebegeleider Prof. Mr. Y. Buruma, schreef hij een artikel over deze materie. Het betrof een lastig arrest met een lastig juridisch kader en daarom besloot Richard zich te verdiepen in deze materie met een publicatie in het Nederlands Juristenblad als gevolg.[1] Mijns inziens een ontzettend knap resultaat als bijna afgestudeerd jurist.

De weg naar een baan in de wetenschap?                                                                                    

Na het afstuderen en zijn publicatie in het Nederlands Juristenblad is Richard eerst gaan werken als toegevoegd docent in Leiden en vervolgens ook in Rotterdam. Toen hij in Rotterdam werkte was het tijd voor het schrijven van een tweede artikel. Richard hield contact met een hoogleraar die zich bezig hield met een onderzoek van de Verenigde Naties naar oorlogsmisdrijven in voormalig Joegoslavië. In dit onderzoek kwam een aantal aspecten overeen met onderwerpen uit zijn eerder gepubliceerde artikel en masterscriptie. Dat is de reden dat Richard ook over dit onderwerp een artikel mocht en kon schrijven. In deze periode is hij begonnen aan zijn assistentschap in opleiding (A.I.O, tegenwoordig promovendus) aan de Erasmus universiteit in Rotterdam. Op de universiteit was ruimte voor een a.i.o die onderzoek zou doen naar universele rechtsmacht. Dit sloot deels aan bij het onderwerp van zijn tweede artikel en daarom besloot hij te solliciteren. Met goed gevolg. Richard geeft aan dat hij tijdens zijn studie niet eerder had gedacht om te gaan promoveren, maar dat deze omstandigheden hem in de gelegenheid hebben gebracht. Naast het werken aan zijn proefschrift en het geven van onderwijs, besloot hij om een studiepocket voor Ars Aequi te schrijven over de strafbaarheid van rechtspersonen en hun leidinggevers. Hij werd in deze periode bewust van zijn neiging tot schrijven en hiermee kwam zijn interesse voor de praktijk en de mens achter het strafbare feit, samen met het uitdiepen van de theorie en het uitzoeken hoe het recht in elkaar zit. Richard heeft veel de gelegenheid gekregen en genomen om zich te onderscheiden en ontwikkelen tijdens zijn studie en kan alle studenten dan ook aanbevelen om op zoek te gaan naar deze mogelijkheden.


“Het daadwerkelijk oplossen van een concreet probleem in plaats van een probleem te creëren in je studeerkamer.”


 

En dan de stap naar de Hoge Raad..                                                                                              

Richard wist tijdens zijn promotie nog niet wat hij hierna wilde doen tot hij de vacature voor medewerker bij het wetenschappelijk bureau van de Hoge Raad zag. Het proefschrift was nog niet afgerond, maar hij besloot te solliciteren, omdat het hem leuk leek om zijn kennis van de theorie toe te passen in de praktijk en om iets bij te kunnen dragen aan de rechtshandhaving. Het daadwerkelijk oplossen van een concreet probleem in plaats van een probleem te creëren in je studeerkamer sprak hem aan. Het is mogelijk om voor de raad te werken of voor het parket: respectievelijk voor een raadsheer of voor een Advocaat-Generaal of Procureur-Generaal. Richard heeft het langst voor het parket gewerkt en ook op dit moment werkt hij voor een Advocaat-Generaal. Als medewerker krijg je het dossier met stukken van de rechtbank, het hof en de schriftuur van de advocaat met de klachten als eerste op je bureau. Dit dossier ga je inhoudelijk bestuderen en vervolgens zelfstandig beoordelen. Je schrijft een concept-conclusie ‘als ware je zelf de Advocaat-Generaal’ en dit doe je op basis van zaken die je zelf reeds eerder behandeld hebt of aan de hand van eerdere rechtspraak van de Hoge Raad. Bij sommige zaken lijkt het vooraf evident wat de uitkomst zal zijn, maar bij andere zaken is het een stuk lastiger om daadwerkelijk één richting te kiezen als meerdere opties mogelijk lijken te zijn. “Twee juristen, drie meningen” aldus Richard. Ook al werk je alleen aan je eigen dossier, overleg met de Advocaat-Generaal of andere medewerkers is zeker mogelijk. Soms is het juridisch inhoudelijk interessant om perspectieven uit te wisselen en soms is een zaak zo spraakmakend dat het leuk is om hierover te discussiëren, “gedachtewisseling brengt de gedachte immers altijd verder”. Om ongeveer de zes weken wordt er geconcludeerd door een Advocaat-Generaal. Als medewerker werk je per week aan meerdere zaken, waardoor een fulltimer al snel aan twee à drie zaken per week werkt. De strafkamer doet namelijk veel meer zaken af dan de civiele kamer. Sommige civiele zaken duren langer, doordat de kwestie uitgebreider is en daardoor meer voorbereiding kost. Richard heeft ook kort voor de Raad gewerkt en deze functie verschilt wel degelijk van zijn eerdere bezigheden. Als medewerker van een raadsheer krijg je hetzelfde dossier met tevens de conclusie van de Advocaat-Generaal. Als medewerker van de eerste raadsheer die de zaak beoordeelt, schrijf je een concept-arrest, veelal nadat die zaak vooraf met de raadsheer is besproken. Dit concept-arrest wordt vervolgens door de tweede raadsheer bekeken. Bij het concept-arrest worden geregeld opmerkingen gemaakt door de andere raadsheren die de zaak beoordelen, maar het komt ook voor dat er een compleet nieuw concept wordt geschreven als de raadsheer een geheel andere opvatting heeft. Nadat drie raadsheren de zaak hebben bekeken, wordt het in de raadkamer besproken. Indien de raadsheren van mening zijn dat de zaak juridisch inhoudelijk door een grotere kamer moet worden bekeken, wordt het een zogenaamde 5-zaak.


“Twee juristen, drie meningen”


 

Vereiste vaardigheden van een wetenschapper                                                                                      

Een relevante vraag is of Richard zijn ervaringen en opgedane vaardigheden als promovendus kan toepassen in zijn huidige werkzaamheden. Hij geeft aan dat het bij de Hoge Raad erg op prijs wordt gesteld als je bent gepromoveerd of gaat promoveren. Niet enkel het feit dat je iemand bent die een intellectuele uitdaging zoekt, maar ook omdat je door het proefschriftonderzoek leert om tot de kern te komen van bepaalde materie. Ook het geven van onderwijs heeft bijgedragen aan zijn opgedane vaardigheden. Bij de Hoge Raad werk je aan een specifieke zaak met een specifiek probleem. En juist het onderwijs biedt de mogelijkheid om de materie in een breder geheel te bestuderen, te beheersen en aan studenten duidelijk te maken. De inhoudelijke kennis van het straf(proces)recht wordt door het onderwijs veel actiever en dit is een leuke afwisseling en nuttige aanvulling. Niet alleen de drang om iets uit te zoeken moet aanwezig zijn als promovendus, maar ook het willen opschrijven van de bevindingen. Ervaring leert dat als kennis eenmaal opgeschreven wordt, dit kan bijdragen aan het verwerken van die kennis en dit toegevoegde waarde heeft. De drang om iets uit te willen zoeken en het vervolgens op kunnen schrijven, zijn aldus twee vereiste eigenschappen die je moet hebben om een goed proefschrift te kunnen schrijven.

Een blik vooruit                                                                                                                               

Richard geeft aan binnen enkele maanden zijn proefschrift te willen afronden. Het lijkt hem leuk om meer op de universiteit werkzaam te zijn en aldus meer onderzoek te gaan doen. Tevens hoopt hij in de toekomst als plaatsvervanger aan het werk te kunnen gaan, omdat hierbij de theorie en de praktijk samen komt en hij het interessant vindt om een bijdrage te leveren aan het nemen van beslissingen. Indien je interesse hebt in een baan als medewerker op het wetenschappelijk bureau van de Hoge Raad, adviseert Richard om jezelf te oriënteren middels een stage. Dit kan voor drie à vier maanden en hierbij zal je zeer gevarieerde werkzaamheden verrichten. Tevens is een belangrijke aanbeveling om tijdens de studie te werken aan een eigen publicatie over een onderwerp dat je interesseert. Kortom, hard blijven werken en jezelf ontwikkelen tot goed onderzoeker, kan net als bij Richard zijn vruchten afwerpen!

[1] ‘Dangerous Liaisons. De berechting van oorlogsmisdadigers, NJB 1992, p. 577-582.

Reageer op dit bericht

Recente artikelen

Recente reactie

Door: Benni de Jong

Dit is een helder en verduidelijkend artikel!Al roept Vladimir Poetin ook bij mij enige wrevel en gruwel op, voor het voortbestaan van een land als Rusland is hij mijns inziens onmisbaar, al laat zijn politieke uitvoering zeer te wensen over. Zijn voorgangers waren zéker niet het antwoord op deze post-communistische (groot?)macht! Gorbatsjov was té voortvarend in zijn progressieve beleid, terwijl de vrouwen betastende, immer dronken Jeltsin er een puinhoop van maakte. In de jaren negentig was Rusland dan ook een broednest van criminelen, die vrijwel ongehinderd hun gang konden gaan : het tekende de geboorte van de Russische mafia, die, inmiddels naar het Westen doorverhuisd, onuitroeibaar blijkt te zijn! Poetin, tenslotte, "het gesorg dat alles wir reg gekom het"... welnu, veel dan toch.Volgens mij wordt het weer tijd voor het herstel van de post-tweedewereldoorlogse Sovjet-Unie (of het eerdere tsaristische Russische Rijk), qua grondgebied en mensenmassa dan, om een voorlopig tegenwicht te kunnen bieden aan opkomende grootheden als China en India, en wie weet aan welke landen in Azië en mogelijk ook in Latijns-Amerika en Afrika nog meer, voor zover die zich in de nabije toekomst zullen komen aandienen om een stuk van de machtstaart in de wereld mee te verorberen... Ook voor de rest van het noordelijk halfrond, ons leefgebied, zal dit een steun blijken te zijn.Het puntje "Nederlandse-taalgebruik" is nog wat zorgelijk bij Chantal. Echter, de schrijfster is een jongedame van 20 lentes, die zich in de loop der jaren op dat punt nog wel verder ontwikkelen zal. Haar opmerkzaamheid en historische verwijzingen laten niets aan scherpte en zorgvuldigheid te wensen over.Ga zo door, mejuffrouw Van der Welde!

Door: Carola Leenders

Mooi artikel Kyra! Trots op je!

Door: Erna Smittenberg

"Smittenberg" uiteraard ...:.)

Uw browser is niet meer van deze tijd!

Update uw browser om optimaal van deze website (en vele anderen) te genieten Nu updaten!

×