Rechtenstudenten aller landen: conformeert u!

Eerst een kleine waarschuwing: het verhaal dat ik ga vertellen over mijn stage is niet standaard, wél eerlijk. Het verhaal begint op een plek waar vele (rechten)studenten denken hun droombaan te vinden: de Amsterdamse Zuidas. In wezen een luxe industrieterrein. Nu is er in de loop der jaren een aantal boeken verschenen die een spreekwoordelijk boekje open doen over het reilen en zeilen binnen de Amsterdamse kantoormuren. Onder andere op basis daarvan had ik zo mijn vooroordelen, maar juist daarom wilde ik er stage lopen. Zo gezegd, zo gedaan: ik begaf me richting Amsterdam Zuid voor een stage bij een groot advocatenkantoor.

Lopendebandwerk voor hoger opgeleiden

De recruitmentafdeling bij een groot Zuidas-kantoor is een geoliede machine. Alles, van de sollicitatieprocedure tot het beoordelingsgesprek is goed geregeld. Erg prettig voor de student die er zijn of haar stage loopt. De recruitmentbudgetten zijn enorm, dus erg verrassend is dat niet. Ondanks de goede begeleiding vond ik de stage niet geweldig en de grootste reden daarvoor was dat de werkzaamheden slaapverwekkend saai waren. Niet zozeer mijn eigen werkzaamheden, voornamelijk memo’s schrijven, maar het echte advocatenwerk. Ja, dat is saai, in ieder geval bij de sectie Banking waar ik zat. Als je de termen kent en alle financieringscontracten een keer gezien hebt, is het lopendebandwerk voor hoger opgeleiden. Intellectueel uitdagend kun je het niet noemen. Dit zijn overigens niet alleen mijn woorden, maar ook die van de medewerkers zelf en dat terwijl deze sectie bekend staat als ‘dynamisch’. Dynamisch betekent dat je met strakke deadlines werkt, vaak tot 12 uur ’s nachts op kantoor zit en nooit meer privéafspraken kunt maken omdat er altijd wel iets ‘superbelangrijks’ tussenkomt. Natuurlijk, het gaat om miljoenendeals en grote, vaak internationale cliënten. Dat klinkt leuk, maar het betekent echt niet dat je als medewerker elke week op het vliegtuig zit naar New York. Dat komt sporadisch voor als je senior of partner bent. In werkelijkheid zit jij achter je bureau papierwerk te doen, terwijl er af en aan een ‘call’ met een cliënt of de bank tussenkomt die je niet echt opwindend kunt noemen.

Begrijp me niet verkeerd, misschien is het werk bij een andere sectie of kleiner kantoor heel leuk. Dat kan. Want bij een groot kantoor is het werk heel erg opgedeeld, ieder doet zijn eigen ding. Je hebt secties en binnen die secties heb je weer teams en binnen die teams, enzovoorts. Dat betekent dat je als medewerker veelal hetzelfde doet. Ik vind het saai, iemand anders kan dit helemaal geweldig vinden. En dat is ook de crux: je moet het juridisch inhoudelijke werk echt heel leuk vinden, anders hou je de werktijden en cultuur niet vol.

Enthousiasme faken

Daarnaast leek alles te draaien om enthousiasme. Mensen die mij kennen weten dat ik van nature niet veel enthousiasme uitstraal. Dus enthousiasme uitstralen terwijl ik het niet leuk vond, was helemaal een onmogelijke opgave. Maar dat is wel wat er van je verwacht wordt. Er is letterlijk tegen mij gezegd: je moet hier niet te eerlijk zijn, maar enthousiasme faken en conformeren, dat is wat bijna iedereen hier doet. Ook bij mijn beoordeling ging het eigenlijk alleen maar over dat aspect, nauwelijks over de inhoud van mijn werk. En ja, ik ben iets introverter, een kat uit de boom – kijker. Dus het ligt ook aan mezelf. Een omgeving die vraagt om extravert en naar mijn mening nep gedrag, past niet bij mij. Je zou denken dat je als kantoor niet alleen maar hetzelfde type mensen wil aantrekken, maar het tegendeel blijkt waar. De neppe enthousiasteling wordt geprefereerd boven de eerlijke criticus. Het grappige is ook dat de meeste medewerkers niet snapten dat ik niet enthousiast werd van hun werk. Toen ik op een dag eerlijk zei dat ik het saai vond, stond een medewerker mij aan te kijken alsof ik hem zojuist een klap had gegeven. Dit kan volgens mij twee dingen betekenen: (I) hij vindt zijn werk oprecht leuk of (II) hij vindt het zelf stiekem ook vreselijk, maar durft het niet toe te geven. Van die laatste categorie lopen er best veel rond, zo gaan de verhalen. Maar ja, je hebt een bovengemiddeld salaris – dat is een understatement – en voor de buitenwereld heb je een goede baan. Durf dan maar eens de stap te zetten om iets anders te gaan doen.

De norm

Tijdens mijn stage las ik een artikel over ‘de allochtoon’ op de Zuidas. Het ging over de constatering dat kantoren mensen met een andere achtergrond wel aannemen, maar zij vervolgens moeten voldoen aan de heersende norm. Dit geldt eigenlijk voor iedereen die er komt werken: conformeer je aan de norm. Zo zijn er veel verplichte sociale activiteiten, waarbij meestal ook veel alcoholische versnaperingen worden genuttigd. In dat laatste kan ik mij overigens wel goed vinden. Maar buiten dat: verplicht mee op skivakantie, naar feesten en andere partijtjes met de mensen die je toch al gemiddeld 80 uur per week ziet, dat zijn nou geen dingen waar ik persoonlijk warm voor loop. Het zijn leuke activiteiten, natuurlijk, maar niet als het verplicht is en je er niet bij hoort als je niet mee gaat. Dat laatste heb ik zelf ervaren. Toen ik op een zonnige vrijdag ging lunchen met de andere stagiaires en mijn sectiegenoten mij meevroegen om met hen te gaan lunchen, zei ik netjes dat ik al een afspraak had. Mij werd toen fijntjes duidelijk gemaakt dat het niet zo slim is om met mensen te gaan lunchen die mij niet beoordelen. Nadat ik eerst de conclusie trok dat dit blijkbaar geen grap was, heb ik gezegd dat ik toch echt met de andere stagiaires ging lunchen. Natuurlijk, dat is veel leuker. Als ik moet kiezen tussen leuk of akelig, kies ik altijd voor het eerste. Dat zouden er meer moeten doen. De heersende norm is echter dat het gaat om leuk gevonden te worden door de mensen die ‘er toe doen’.

London baby!

Na een maand stage in Amsterdam, mocht ik ook een maandje naar Londen. Ik heb me daar weleens schuldig over gevoeld, omdat ze een vliegticket naar en een mooi appartement in Londen voor me regelden, terwijl ik de dagen aftelde totdat de stage voorbij was. Als je de Londense City ziet, begrijp je dat de Zuidas in wezen weinig voorstelt. Daar in de City gebeurt het. Mijn stagetijd in Londen was dan ook veel leuker dan in Amsterdam. Natuurlijk omdat de stad Londen geweldig is, maar ook omdat de sfeer op dat kleinere kantoor heel anders is. Terug moeten naar kantoor Amsterdam is voor sommigen dan ook lastig. Want in Londen is er veel meer vrijheid, kan je meer je eigen ding doen en wordt er niet zo op je gelet. Veel mensen schijnen ook te vertrekken na een periode in het buitenland, ze hebben gezien hoe het ook kan en willen niet meer terug. Heel begrijpelijk, als je het mij vraagt.

Toch heb ik, ondanks alles, hele aardige mensen ontmoet tijdens mijn stage. Want natuurlijk werken er ook veel leuke mensen. Ook met de stagiaires onderling was het heel gezellig. Daarnaast hebben de advocatenopleidingen bij de Zuidas-kantoren een goede reputatie. Dus als je de advocatuur in wilt, is de Zuidas in die zin een goede start. Ik kan dan ook eenieder aanraden: ga er vooral stage lopen en ervaar het zelf. Onthoud dan wel dat de Zuidas niet de enige weg is die naar Rome leidt. Denk na over wat echt bij jou past. Wellicht pas je perfect bij een Zuidas-kantoor, omdat je al zo bent zoals zij graag willen dat je bent. Zo niet, ga dan ook niet ergens werken waar je je moet conformeren aan een norm waar je niet aan kan of wilt voldoen.

Reageer op dit bericht

Recente artikelen

Recente reactie

Door: Benni de Jong

Dit is een helder en verduidelijkend artikel!Al roept Vladimir Poetin ook bij mij enige wrevel en gruwel op, voor het voortbestaan van een land als Rusland is hij mijns inziens onmisbaar, al laat zijn politieke uitvoering zeer te wensen over. Zijn voorgangers waren zéker niet het antwoord op deze post-communistische (groot?)macht! Gorbatsjov was té voortvarend in zijn progressieve beleid, terwijl de vrouwen betastende, immer dronken Jeltsin er een puinhoop van maakte. In de jaren negentig was Rusland dan ook een broednest van criminelen, die vrijwel ongehinderd hun gang konden gaan : het tekende de geboorte van de Russische mafia, die, inmiddels naar het Westen doorverhuisd, onuitroeibaar blijkt te zijn! Poetin, tenslotte, "het gesorg dat alles wir reg gekom het"... welnu, veel dan toch.Volgens mij wordt het weer tijd voor het herstel van de post-tweedewereldoorlogse Sovjet-Unie (of het eerdere tsaristische Russische Rijk), qua grondgebied en mensenmassa dan, om een voorlopig tegenwicht te kunnen bieden aan opkomende grootheden als China en India, en wie weet aan welke landen in Azië en mogelijk ook in Latijns-Amerika en Afrika nog meer, voor zover die zich in de nabije toekomst zullen komen aandienen om een stuk van de machtstaart in de wereld mee te verorberen... Ook voor de rest van het noordelijk halfrond, ons leefgebied, zal dit een steun blijken te zijn.Het puntje "Nederlandse-taalgebruik" is nog wat zorgelijk bij Chantal. Echter, de schrijfster is een jongedame van 20 lentes, die zich in de loop der jaren op dat punt nog wel verder ontwikkelen zal. Haar opmerkzaamheid en historische verwijzingen laten niets aan scherpte en zorgvuldigheid te wensen over.Ga zo door, mejuffrouw Van der Welde!

Door: Carola Leenders

Mooi artikel Kyra! Trots op je!

Door: Erna Smittenberg

"Smittenberg" uiteraard ...:.)

Uw browser is niet meer van deze tijd!

Update uw browser om optimaal van deze website (en vele anderen) te genieten Nu updaten!

×