Digitalisering: rechtens verantwoord?

We bevinden ons op dit moment in een tijdperk waarin mensen en technieken nog steeds snel kunnen ontwikkelen en groeien. Dit betekent niet alleen groeien in de zin van de duur van het menselijk leven, in het alsmaar harder kunnen rennen en zwemmen op de Olympische Spelen en in het overtreffen van de 1 kilometer hoge Kingdom Tower in Jeddah, Saoedië Arabië dat in aanbouw is, dit betekent ook groei in technologische zin in de juridische wereld. Digitalisering is steeds belangrijker geworden en ik laat u dan ook graag twee grote ontwikkelingen zien. We kunnen door deze onlinewereld steeds meer en dóen op het internet dan ook steeds meer en dit is niet altijd zonder consequenties…

1.We kunnen steeds meer

1.1. Digitaal procederen

Digitaal procederen is onderdeel van het programma KEI, Kwaliteit en Innovatie Rechtspraak. Het doel van dit programma is het aansluiten van de rechtspraak in Nederland bij de digitalisering van de samenleving en het sneller en eenvoudiger maken van procedures.[1] Het programma is opgesteld door de minister van Veiligheid en Justitie en de Raad voor de rechtspraak en in dat kader heeft de minister aantal wetsvoorstellen opgesteld die in juli 2016 door de Eerste Kamer zijn aangenomen. Vanaf 2017 zullen deze wetsvoorstellen verdeeld over een aantal jaren in werking treden. In elk gedeelte zal één type zaak gedigitaliseerd worden.[2] In dit programma is een nieuw digitaal systeem voor de gerechten ontwikkeld, namelijk voor rechtbanken, gerechtshoven, het college van Beroep voor het Bedrijfsleven en de Centrale Raad van Beroep. Voor de Hoge Raad en de Raad van State wordt een eigen voorziening ter modernisering ontwikkeld.[3] Vanaf 2017 zal het voor burgers, bedrijven en procesvertegenwoordigers mogelijk zijn om documenten voor een rechtszaak online in te dienen. Ze kunnen online een civiel- of bestuursrechtelijke procedure starten, verweer voeren, stukken indienen en inzien, de voortgang van de procedure volgen en de uitspraak van de rechter ontvangen.[4] Tevens hebben zij toegang tot de digitale dossiers. Burgers die zonder advocaat procederen mogen kiezen of ze digitaal of via de normale (huidige) weg procederen. Professionele partijen zoals bedrijven, advocaten, deurwaarders en bestuursorganen hebben die keuze niet en moeten de digitale weg volgen.[5] Tevens wordt door de nieuwe KEI-wetgeving de basisprocedure in het burgerlijke recht eenvoudiger. Deze procedure kon vanaf november 2016 op grond van artikel 112 Rv vrijwillig gevoerd worden en kent drie rondes met vaste termijnen. Allereerst een schriftelijke ronde, vervolgens een mondelinge behandeling bij de rechter en afsluitend de uitspraak. Indien de rechter de zaak te complex acht voor deze eenvoudige procedure, kan hij besluiten tot een uitgebreidere behandeling waarin bijvoorbeeld de termijnen kunnen worden verlengd. Vanaf het voorjaar van 2017 kan naast het volgen van de eenvoudige procedure op grond van 112 Rv, ook gekozen worden voor een procedure op grond van artikel 113 nieuw Rv. Voordat de zaak aanhangig wordt gemaakt bij de rechtbank, stelt de deurwaarder een oproepingsbericht op die betekend wordt aan de verweerder. In dit oproepingsbericht wordt ook de procesinleiding verwerkt.[6] Het is dus nog even afwachten hoe de gefaseerde inwerkingtreding van de KEI-wetgeving zal verlopen en of burgers veel gebruik zullen maken van deze mogelijkheid van digitale procesvoering. Laten wij vooral hopen dat de JFV-Nijmegen deze mogelijkheid niet nodig heeft.

1.2. Gedecentraliseerde overheid: koppeling databanken

Vanaf 1 januari 2015 hebben verschillende decentralisaties plaatsgevonden op het gebied van de participatie en de zorg. De gemeente zou op deze manier de diensten op dit gebied efficiënter kunnen verlener dan de centrale overheid en dit moeten de gemeenten op een integrale wijze doen met oog voor maatwerk. Deze integrale aanpak houdt in dat multidisciplinaire teams van professionals en bestuurders een integrale werkmethode moeten faciliteren. De gemeente moet een volledige beoordeling maken wat nodig is in een huishouden en hiervoor is het noodzakelijk om verschillende soorten persoonsgegevens uit te wisselen.[7] Vaak vindt deze uitwisseling plaats door verschillende databanken met persoonsgegevens te koppelen. Het kan gaan om medische gegevens, gegevens over schuldhulpverlening en gegevens over huiselijk geweld.[8] Klingenberg merkt terecht op dat dit op gespannen voet staat met de privacy van de burger en stelt dan ook de vraag of de huidige wettelijke waarborgen uit de privacywetgeving, geschikt zijn om de privacybelangen van de burger in dit sociale domein te beschermen.[9] De gegevensuitwisseling in het sociale domein is gebaseerd op een structuur waarbij verschillende instanties op basis van meerdere wetten en in verschillende rollen gegevens uitwisselen.[10] Ik zal niet in detail in gaan op deze materie, maar Klingenberg komt tot de conclusie dat de privacy van burgers onvoldoende wordt beschermd door deze onduidelijke structuur van gegevensuitwisseling.[11]  Digitalisering biedt de mogelijkheid om zo efficiënt mogelijk de burger de gewenste dienst te verlenen, maar laat echter in dit geval mogelijk ook een negatief effect zien nu de privacy van de burger mogelijk in het geding is door de veelvuldige, niet altijd noodzakelijke, uitwisseling van persoonsgegevens.

2. We doen dus ook steeds meer

2.1. Online plegen van diefstal

Een aantal jaren geleden speelde een zeer interessante kwestie dat past bij digitalisering van de samenleving en het daarop moeten kunnen anticiperen van het recht. Lange tijd was er onduidelijkheid over de juridische kwalificatie van virtuele objecten en of deze objecten vatbaar waren voor de kwalificatie van een goed als bestanddeel van het delict diefstal. In de RuneScape-zaak speelde een dergelijke vraag. In dit online spel is het mogelijk om virtuele objecten te verkrijgen. Een 13-jarige jongen hadden dergelijke objecten in zijn virtuele ‘bezit’ en werd door twee jongens (14 en 15 jaar) meegelokt en gedwongen om de accountgegevens van zijn gameaccount af te geven. Onder verschillende vormen van mishandeling en bedreiging heeft deze 13-jarige jongen zijn gegevens afgestaan. De twee verdachten zijn vervolgens ingelogd op dit account en hebben deze virtuele objecten vrijgegeven in een spelomgeving, waarna het object, in casu een virtueel amulet, is overgezet naar het account van de verdachte. Het hof oordeelde dat een virtueel amulet gekwalificeerd kan worden als een ‘goed’ als bestanddeel van artikel 310 Sr. Een goed moet namelijk van waarde voor de bezitter, het hoeft niet per definitie stoffelijk te zijn en het dient overdraagbaar te zijn. Volgens het hof voldoet het virtueel amulet aan deze criteria en de Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof.[12]

2.2. Andere strafbare feiten in virtuele wereld

In 2016 was er discussie of ook aanranding in de virtuele wereld strafbaar is. Tijdens het spelen van een computerspel werd een 30-jarige vrouw betast op verschillende plaatsen op haar lichaam door een medespeler. Het heeft echter nog niet geleid tot een rechtszaak, maar er wordt wel gepleit dat dit mogelijk is gelet op het feit dat met aanranding emotionele schade aan het slachtoffer wordt berokkend.[13] Het is echter maar de vraag of met het uitspreken van bovengenoemde uitspraken de weg openstaat voor het veroordelen van een virtuele moord of virtuele verkrachting. Computerspellen worden gereguleerd door spelregels waarmee spelers akkoord moeten gaan voordat zij het spel kunnen spelen. Door deze spelregels te accepteren kunnen zij onderkennen dat zij bepaalde handelingen van andere spelers te duchten hebben, zoals het vermoorden de virtuele persoon waarmee de persoon het spel speelt.[14] Indien medespelers echter handelingen verrichten die niet onder het bereik van die spelregels vallen, is er mogelijk wel plaats voor het strafrecht zoals in het geval van de bovengenoemde RuneScape-zaak.[15] Deze gedragingen zijn uitgevoerd buiten de spelsituatie en om die reden spreekt de Hoge Raad van een uitzonderingssituatie waardoor het strafrecht ingezet kon worden.[16]

3. Digitalisering: een gewaagde stap in de goede richting

Digitalisering wordt gezien als iets goeds en iets wat mogelijkheden kan bieden. In mijn ogen is deze bewering waar, maar kent digitalisering ook een negatieve zijde zoals ik heb getracht te laten zien. Met het kunnen koppelen van databanken om zo een efficiënte wijze van uitwisseling van persoonsgegevens te kunnen vormgeven, loopt men het risico dat veel persoonsgegevens worden uitgewisseld in die gevallen waarin dat niet nodig is en de privacy van burgers in het geding komt. Tevens zorgt de alsmaar groeiende gamewereld voor discussies over de toepassing van het strafrecht op handelingen van medespelers.

Kortom, in het tijdperk van ‘nu we nog jong zijn’ liggen de mogelijkheden van digitalisering en het gebruik van de virtuele wereld voor ons open, maar moeten we waken voor de negatieve zijde die mogelijk op de loer ligt waarvan we nu nog niet altijd weet hebben.

[1] https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/rechtspraak-en-geschiloplossing/inhoud/vernieuwing-in-de-rechtspraak/programma-kwaliteit-en-innovatie-rechtspraak-kei.

[2] https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/rechtspraak-en-geschiloplossing/inhoud/vernieuwing-in-de-rechtspraak/programma-kwaliteit-en-innovatie-rechtspraak-kei.

[3] https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/rechtspraak-en-geschiloplossing/inhoud/vernieuwing-in-de-rechtspraak/programma-kwaliteit-en-innovatie-rechtspraak-kei.

[4] https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/rechtspraak-en-geschiloplossing/inhoud/vernieuwing-in-de-rechtspraak/programma-kwaliteit-en-innovatie-rechtspraak-kei.

[5] https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/rechtspraak-en-geschiloplossing/inhoud/vernieuwing-in-de-rechtspraak/programma-kwaliteit-en-innovatie-rechtspraak-kei.

[6] https://www.rechtspraak.nl/Voor-advocaten-en-juristen/Reglementen-procedures-en-formulieren/Civiel/Paginas/Vrijwillig-ervaring-opdoen-met-de-digitale-civiele-vorderingsprocedure.aspx.

[7] G.J. Vonk (red.), A.M. Klingenberg, S.A.J. Munneke, A. Tollenaar, Rechtsstatelijke aspecten van de decentralisaties in het sociale domein, de auteurs 2016, p. 99.

[8] G.J. Vonk (red.), A.M. Klingenberg, S.A.J. Munneke, A. Tollenaar, Rechtsstatelijke aspecten van de decentralisaties in het sociale domein, de auteurs 2016, p. 99.

[9] G.J. Vonk (red.), A.M. Klingenberg, S.A.J. Munneke, A. Tollenaar, Rechtsstatelijke aspecten van de decentralisaties in het sociale domein, de auteurs 2016, p. 99.

[10] G.J. Vonk (red.), A.M. Klingenberg, S.A.J. Munneke, A. Tollenaar, Rechtsstatelijke aspecten van de decentralisaties in het sociale domein, de auteurs 2016, p. 118.

[11] G.J. Vonk (red.), A.M. Klingenberg, S.A.J. Munneke, A. Tollenaar, Rechtsstatelijke aspecten van de decentralisaties in het sociale domein, de auteurs 2016, p. 118.

[12] Gerechtshof Leeuwarden, 10 november 2009, ECLI:NL:GHLEE:2009:BK2773 en Hoge Raad, 31 januari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BQ9251.

[13] Litska Strikwerda, Virtual Acts, Real Crimes? A Legal-Philosophical Analyses of Virtual Cybercrime, Litska Strikwerda, 2014.

[14] https://www.ou.nl/web/rechtswetenschappen/wanneer-zijn-virtuele-activiteiten-echte-strafbare-feiten

[15] https://www.ou.nl/web/rechtswetenschappen/wanneer-zijn-virtuele-activiteiten-echte-strafbare-feiten

[16] Hoge Raad, 31 januari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BQ9251.

Reageer op dit bericht

Recente artikelen

Recente reactie

Door: Benni de Jong

Dit is een helder en verduidelijkend artikel!Al roept Vladimir Poetin ook bij mij enige wrevel en gruwel op, voor het voortbestaan van een land als Rusland is hij mijns inziens onmisbaar, al laat zijn politieke uitvoering zeer te wensen over. Zijn voorgangers waren zéker niet het antwoord op deze post-communistische (groot?)macht! Gorbatsjov was té voortvarend in zijn progressieve beleid, terwijl de vrouwen betastende, immer dronken Jeltsin er een puinhoop van maakte. In de jaren negentig was Rusland dan ook een broednest van criminelen, die vrijwel ongehinderd hun gang konden gaan : het tekende de geboorte van de Russische mafia, die, inmiddels naar het Westen doorverhuisd, onuitroeibaar blijkt te zijn! Poetin, tenslotte, "het gesorg dat alles wir reg gekom het"... welnu, veel dan toch.Volgens mij wordt het weer tijd voor het herstel van de post-tweedewereldoorlogse Sovjet-Unie (of het eerdere tsaristische Russische Rijk), qua grondgebied en mensenmassa dan, om een voorlopig tegenwicht te kunnen bieden aan opkomende grootheden als China en India, en wie weet aan welke landen in Azië en mogelijk ook in Latijns-Amerika en Afrika nog meer, voor zover die zich in de nabije toekomst zullen komen aandienen om een stuk van de machtstaart in de wereld mee te verorberen... Ook voor de rest van het noordelijk halfrond, ons leefgebied, zal dit een steun blijken te zijn.Het puntje "Nederlandse-taalgebruik" is nog wat zorgelijk bij Chantal. Echter, de schrijfster is een jongedame van 20 lentes, die zich in de loop der jaren op dat punt nog wel verder ontwikkelen zal. Haar opmerkzaamheid en historische verwijzingen laten niets aan scherpte en zorgvuldigheid te wensen over.Ga zo door, mejuffrouw Van der Welde!

Door: Carola Leenders

Mooi artikel Kyra! Trots op je!

Door: Erna Smittenberg

"Smittenberg" uiteraard ...:.)

Uw browser is niet meer van deze tijd!

Update uw browser om optimaal van deze website (en vele anderen) te genieten Nu updaten!

×