Interview met Tom Kanis, wetgevingsjurist bij het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Door: ,

Waarom heeft u ervoor gekozen om in Nijmegen te gaan studeren?
Ik kom oorspronkelijk uit Wageningen en had toen ik ging studeren daar nog een vriendinnetje, dus wilde ik graag een beetje in de buurt studeren. Ik wilde destijds Bestuurskunde studeren, de keuze ging uiteindelijk tussen Utrecht en Nijmegen. Ik heb voor Nijmegen gekozen omdat de sfeer me daar beter beviel. Alles was een stuk relaxter en minder streberig. In het tweede jaar van Bestuurskunde ben ik er toen Rechten naast gaan doen.

Wat heeft u zoal naast uw studie gedaan?
Naast m’n studie heb ik verschillende dingen gedaan. Zo ben ik lid geworden van de NSN (de Navigators) en heb ik daar ook een bestuursjaar gedaan als Herus, de pandbeheerder. Verder heb ik ook nog wat commissies gedaan bij BOW en NSN. Bij de JFV ben ik daarentegen nooit actief lid geweest. Verder heb ik ook nog een jaartje in Straatsburg gestudeerd en ben ik een half jaar student- assistent geweest bij een onderzoek. Dit klinkt allemaal als vrij veel, maar ik heb in totaal dan ook acht jaar gestudeerd. Uiteindelijk heb ik alles dus vrij nominaal gedaan.

Waarom heeft u toen voor Straatsburg gekozen?
Ik deed de richting Internationaal & Europees Recht, zoals dat toen nog heette. Daar moest je verplicht een tijdje naar het buitenland. Gezien de studierichting leek Straatsburg me dan ook een interessante plaats. Toch moet ik bekennen dat ik uiteindelijk minder met de Straatsburgse instanties heb gedaan dan ik van plan was. Ook viel de kwaliteit van het onderwijs tegen, doordat het makkelijk was kon zelfs ik met mijn beperkte Frans nog wat Franse vakken halen. Achteraf gezien vraag ik me wel eens af of ik misschien voor een bestemming had moeten gaan waar Engels in plaats van Frans de voertaal is voor internationals, want het Frans was wel eens een barrière.

U heeft de master Internationaal en Europees recht gedaan. Wist u vanaf het begin van uw studie al dat u die richting op zou gaan en waarom heeft u daarvoor gekozen?
Niet direct vanaf het begin van m’n studie, maar wel redelijk snel. Het bredere kader dan alleen Nederland trok me wel, met name het EU-recht. Ik ben dan ook wel een beetje Eurofiel. Verplichte buitenlandtijd trok me ook wel.

Waarom heeft u voor het traineeship tot wetgevingsjurist gekozen?
Pas richting het eind van m’n studie kwam ik er via een carrièredag achter dat dit traineeship überhaupt bestond. Ik zag mezelf nog niet zo snel in een togaberoep of als advocaat. Ik heb het altijd leuk gevonden om aan systemen te ‘sleutelen’. Ook met m’n bestuurskundige achtergrond zat ik al vrij snel in de richting van de overheid te denken. Wetgevingsjurist leek me dan ook een perfecte combinatie van beleid maken en juridisch bezig zijn. Ook zit er wel een stukje idealisme in, ik hoop met dit beroep een nuttige bijdrage te kunnen leveren aan Nederland.

Wat houdt het traineeship over het algemeen in?
De opleiding is een masteropleiding van 60 ECTS, verspreid over twee jaar. Ook krijg je er een extra titel voor. Formeel zou je dus de helft van de week kwijt moeten zijn aan de opleiding, maar je volgt gemiddeld maar anderhalve dag in de week college. De rest van de tijd werk je gewoon al bij een ministerie. Die overige ‘studiedag’ moet je dus in je eigen tijd doen. In de praktijk valt dit allemaal wel mee, ik pak het eigenlijk net zo aan als ik deed toen ik nog op de universiteit studeerde, veel last-minute dus. Je werkgever houdt wel rekening met je studielast, maar soms valt een drukke dag op je werk onhandig samen met de drukte van je studie. Inhoudelijk is het een mix van rechtenvakken met een bestuurlijk/wetgevend tintje. Er is ook wel een overlap met vakken die je al hebt gehad, maar ook wat nieuwe praktische vakken zoals onderhandelen, presenteren, etc.

Hoe ziet een gemiddelde werkdag er bij u nu uit?
Dit is erg variërend tussen een hele dag aan een regeling sleutelen tot een hele dag diverse vergaderingen bijwonen en overleggen voeren. Er komen vaak zowel interne als externe belangen kijken bij het opstellen van een regeling en daarnaast probeer je nog een juridisch zo goed mogelijk stuk op te stellen. Je moet er wel rekening mee houden dat daardoor de doorlooptijd van regelingen erg lang is, dus je moet er een beetje tegen kunnen dat het lang duurt voordat je kan zeggen dat je enig concreet resultaat geboekt hebt.

Kunt u een voorbeeld geven van een wet waaraan u heeft meegewerkt?
Tot nu toe is een wijziging van de Regeling Zorgverzekering de enige die al gepubliceerd is. Verder wordt binnenkort een Veeg- besluit dat ik heb geschreven gepubliceerd (dat is een AMvB die in veel verschillende bestaande AMvB’s kleine technische wijzigingen aanbrengt) en ben ik betrokken bij de nadere regelgeving die onder de Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza) zal vallen. De Wtza wordt naar verwachting begin van 2019 in de Tweede Kamer behandeld, maar die behandeling is al eens eerder uitgesteld, dus dat zou zo- maar nog een keer kunnen gebeuren.

Bent u in de toekomst nog wel van plan om in de private sector te gaan werken?Dat weet ik nu nog niet, maar ik sluit het niet uit. Wetgeving is natuurlijk beperkt tot de publieke sector, maar wellicht dat ik op de lange termijn nog eens iets heel anders zou willen proberen. Het ICT-recht trekt me bijvoorbeeld wel. Daar is buiten de overheid ook wel genoeg werk in te vinden.

In hoeverre is uw werk juridisch? Zitten er bijvoorbeeld ook politieke tinten aan?
Het werk is zeer juridisch maar zeker niet alleen maar juridisch. Je hebt als wetgevingsjurist absoluut het juridische belang te verdedigen, maar je moet er bijvoorbeeld ook voor zorgen dat je ‘producten’ politiek aanvaardbaar en praktisch uitvoerbaar zijn. Hopelijk vallen die belangen volledig te combineren, maar soms moet je compromissen sluiten. In alle gevallen zijn er vaak veel belangen om rekening mee te houden.

Hoe was de overgang van Nijmegen naar de randstad? (verschillen in mentaliteit etc.)
Dit viel eigenlijk wel mee. Ik heb de ‘studentenbubbel’ als het ware verruild voor de ‘ambtenarenbubbel’. Dat zijn vrijwel uitsluitend ex-studenten waarmee goed te borrelen valt. Ik moet bekennen dat ik nog steeds vrijwel geen echte Hagenezen ken. Den Haag is in die zin wel behoorlijk gesegregeerd. Ik kan me wel voorstellen dat men een kloof voelt tussen maatschappij en bestuur.

Heeft u nog tips voor studenten die overwegen het traineeship te gaan doen of tips in het algemeen voor rechtenstudenten?
Het niveau vind ik inhoudelijk vergelijkbaar met masters in Nijmegen. Binnenkomen bij het traineeship was het moeilijkst. Er gaat een vrij uitgebreide selectie aan vooraf. Zo wordt er gekeken naar extracuriculaire ervaring zoals stage, buitenlandervaring, bestuursjaren etc. en moet je diverse tests en gesprekken doorlopen. Voor mij was het m’n eerste echte sollicitatie, dus ik wist niet zo goed wat ik er van moest verwachten. Het heeft me dan ook twee keer gekost om binnen te komen. Na de eerste poging heb ik eerst nog een jaar als Wob-jurist gewerkt bij de overheid. Als ik van tevoren wat meer ervaring had gehad met solliciteren had dat zeker wel geholpen, denk ik. Een goede voorbereiding en oefening kan voor sommige mensen wel nuttig zijn. En verder is het gewoon een kwestie van proberen, niet geschoten is altijd mis.

Reageer op dit bericht

Recente artikelen

Recente reactie

Door: Benni de Jong

Dit is een helder en verduidelijkend artikel!Al roept Vladimir Poetin ook bij mij enige wrevel en gruwel op, voor het voortbestaan van een land als Rusland is hij mijns inziens onmisbaar, al laat zijn politieke uitvoering zeer te wensen over. Zijn voorgangers waren zéker niet het antwoord op deze post-communistische (groot?)macht! Gorbatsjov was té voortvarend in zijn progressieve beleid, terwijl de vrouwen betastende, immer dronken Jeltsin er een puinhoop van maakte. In de jaren negentig was Rusland dan ook een broednest van criminelen, die vrijwel ongehinderd hun gang konden gaan : het tekende de geboorte van de Russische mafia, die, inmiddels naar het Westen doorverhuisd, onuitroeibaar blijkt te zijn! Poetin, tenslotte, "het gesorg dat alles wir reg gekom het"... welnu, veel dan toch.Volgens mij wordt het weer tijd voor het herstel van de post-tweedewereldoorlogse Sovjet-Unie (of het eerdere tsaristische Russische Rijk), qua grondgebied en mensenmassa dan, om een voorlopig tegenwicht te kunnen bieden aan opkomende grootheden als China en India, en wie weet aan welke landen in Azië en mogelijk ook in Latijns-Amerika en Afrika nog meer, voor zover die zich in de nabije toekomst zullen komen aandienen om een stuk van de machtstaart in de wereld mee te verorberen... Ook voor de rest van het noordelijk halfrond, ons leefgebied, zal dit een steun blijken te zijn.Het puntje "Nederlandse-taalgebruik" is nog wat zorgelijk bij Chantal. Echter, de schrijfster is een jongedame van 20 lentes, die zich in de loop der jaren op dat punt nog wel verder ontwikkelen zal. Haar opmerkzaamheid en historische verwijzingen laten niets aan scherpte en zorgvuldigheid te wensen over.Ga zo door, mejuffrouw Van der Welde!

Door: Carola Leenders

Mooi artikel Kyra! Trots op je!

Door: Erna Smittenberg

"Smittenberg" uiteraard ...:.)

Uw browser is niet meer van deze tijd!

Update uw browser om optimaal van deze website (en vele anderen) te genieten Nu updaten!

×