Interview met Kirsten Maes en Gert Jan Boeve

Door: ,

Van Benthem & Keulen (VBK) is in de Top 50 van de Nederlandse Advocatuur  gestegen van de 24e naar de 19e plek en daarmee behoort VBK tot de top 7 van grootste stijgers van de afgelopen 5 jaar. Wat is het geheim achter dit succes? Transparantie, topkwaliteit en toegankelijkheid?  Voor deze special ben ik afgereisd naar Utrecht om twee advocaten van VBK, Kirsten Maes en Gert Jan Boeve, te interviewen. Naast hun werkzaamheden als advocaat in de praktijkgroep Commercial Contracting and Dispute Resolution , werken zij beiden aan een proefschrift.

Voordat we beginnen, zouden jullie jezelf even voor willen stellen aan onze lezers?
Kirsten: Ik ben nu vier jaren werkzaam als advocaat op de praktijkgroep Commercial Contracting and Dispute Resolution. Ik adviseer en procedeer op het gebied van contracten- en aansprakelijkheidsrecht, waarbij ik in het bijzonder affiniteit heb met het buitencontractuele aansprakelijkheidsrecht en het bouwrecht. Naast mijn werkzaamheden als advocaat ben ik als buitenpromovenda verbonden aan de Universiteit Utrecht. Ik schrijf een proefschrift over secundaire aansprakelijkheid en ik hoop aan het einde van dit jaar mijn manuscript in te kunnen leveren. Naast mijn werkzaamheden sport ik veel; tennis, hardlopen, squash, spinning, bodypump – ik vind eigenlijk bijna alle sporten leuk.

Gert Jan: Ik  ben vijf jaren werkzaam als advocaat binnen de praktijkgroep Commercial Contracting & Dispute Resolution. Mijn praktijk valt vooral binnen de tak Dispute Resolution, met een bijzondere focus op het contracten- en onderwijsrecht. Daarnaast heb ook ik een aanstelling als buitenpromovendus, maar dan aan de Universiteit Leiden. Het thema van mijn onderzoek is het opschortingsrecht.  Privé geniet ik onder andere van mijn pasgeboren zoon, speel ik tennis en wielren ik

Jullie zijn beiden als advocaat werkzaam op de praktijkgroep Commercial Contracting and Dispute Resolution, wat moeten we ons hier bij voorstellen? Wat houden de werkzaamheden precies in?
Gert Jan: Je zou de praktijkgroep kunnen scheiden in een afdeling Commercial Contracting (het opstellen van en adviseren over contracten) en een afdeling Dispute Resolution (waaronder het procederen over contracten). In totaal bestaat de afdeling uit negen juridische professionals, waarvan het grootste gedeelte – waaronder Kirsten en ik – werkzaam is aan de kant van Dispute Resolution. Het is echter niet strikt gescheiden. Er bestaat overlap in de werkzaamheden. De gedachte is ook dat het zelf opstellen van en adviseren over contracten bijdraagt aan het daarover kunnen procederen en vice versa.

Kirsten: Ter aanvulling op wat Gert Jan opmerkte: onze basis ligt in het burgerlijk procesrecht en vooral boek 3, 6 en 7 van het Burgerlijk Wetboek. Daarbij heb ik een focus op het bouwrecht en specialiseert Gert Jan zich ook op het onderwijsrecht.

Gert Jan: Iedereen in de praktijk heeft wel zijn eigen specialisme en daarbij passen cliënten. Ik heb bijvoorbeeld veel onderwijsinstellingen als cliënt en Kirsten juist de grote bouwbedrijven. Dat vormt zich vooral in de loop der jaren.

Hoe kan je VBK als kantoor het best omschrijven?
Gert Jan: Een aantal jaren terug zou je Van Benthem en Keulen als degelijk kunnen omschrijven, maar dat imago is inmiddels wel verleden tijd. Qua sfeer en cultuur zou ik ons kantoor omschrijven als familiair en toegankelijk. We positioneren onszelf als een ‘toegankelijk topkantoor’. Dat vind ik een goede samenvatting. Mensen die ons ontmoeten, zowel cliënten als wederpartijen, merken vaak de toegankelijkheid op. Ik denk dat dit samenhangt met het familiaire; kantoorgenoten kennen elkaar bij de voornaam en weten wat er speelt. De onderlinge betrokkenheid is groot. Daarnaast kan je op topniveau werken doordat wij hele mooie cliënten hebben en je de ruimte krijgt je verder te specialiseren.

Kirsten: Er heerst wel een no-nonsense cultuur. De mensen bij VBK zijn nuchter, pragmatisch en staan met beide benen op de grond. Het is leuk om juridisch te sparren en betrokken te zijn bij de zaken die spelen, maar aan het eind van de dag doen we gewoon normaal en praten we ook over andere (niet-juridische) zaken. Het is geen sterk hiërarchisch kantoor, en dat is wel iets waar ik me heel prettig bij voel. Als stagiaire had ik bijvoorbeeld de ruimte om de discussie aan te gaan met mijn patroon als ik het ergens niet mee eens was en om zélf keuzes te maken.

Gert Jan: Sterker nog, zelf keuzes maken wordt ook van je verwacht. Wat mij destijds heeft doen kiezen voor Van Benthem en Keulen ten opzichte van andere kantoren, was dat dit kantoor advocaat-stagiaires aanneemt met de bedoeling die persoon tot een succesvol advocaat te maken. Dat betekent in de praktijk individuele begeleiding en een grote mate van zelfstandigheid in de behandeling van het gehele dossier.

Van Benthem en Keulen is het afgelopen jaar gestegen naar de 19e plek van de Mr. top 50 van de Nederlandse Advocatuur, waarin onderscheidt het bedrijf zich ten opzichte van andere kantoren? Zo hebben jullie slechts één vestiging.
Gert Jan: Ja, de stijging is snel gegaan. Toen ik hier vijf jaar geleden begon stond Van Benthem en Keulen nog op een plaats boven de dertig.

Kirsten: Het is natuurlijk hartstikke mooi dat we groeien. Dat geeft aan dat onze cliënten ons waarderen. Dat we één vestiging hebben, vind ik vooral heel prettig. Ik ken al mijn collega’s van gezicht en kan snel met ze schakelen over cases als dat noodzakelijk. .

Gert Jan: Wat ons onderscheid is dat we, als enige kantoor van deze omvang, in Utrecht zitten. Wat ons daarnaast onderscheidt is dat wij durven te innoveren in de traditionele branche van de juridische dienstverlening. Een mooi voorbeeld daarvan in de Litigation Valuator, waar ik overgens zelf bij betrokken ben geweest.

Bij onze cliënten zagen wij dat steeds meer de wens ontstond tot trans­parantie en prijszekerheid bij civiele procedures. Op basis hiervan zijn wij gaan kijken naar mogelijkheden en hebben wij, samen met een partner, een Legal Tech webapplicatie ontwikkeld die hierin tegemoet komt. Binnen ons kantoor worden dit soort initiatieven aangemoedigd en het leuke is dat je zelf daarin ook mee mag denken en betrokken blijft. Voor de Litigation Valuator hebben we overigens in 2018 de Computable Award gewonnen.

Sinds kort heeft Van Benthem en Keulen ook een nieuwe huisstijl. Hier wordt gesproken over een nieuwe communicatiestrategie: ‘De Nieuwe Standaard.’. Kunnen jullie ons hier iets over vertellen?
Gert Jan:. ‘De Nieuwe Standaard.’ gaat over de nieuwe standaard in juridische dienstverlening. Wat wij met ‘De Nieuwe Standaard’ willen zeggen is dat dit voor ons niet nieuw is. VBK staat voor transparantie, toegankelijkheid en topkwaliteit en wij zijn permanent in dialoog met de markt om zo de dienstverlening te bieden die de cliënt van ons verwacht. Luisteren naar je cliënt, doorvragen en, op de hoogte zijn van de businesscontext van je cliënt om uiteindelijk praktisch te adviseren,  daar draait het om. In de praktijk hoor je steeds vaker dat de advocaat de taal van de cliënt moet spreken omdat zij anders niets aan het advies hebben. Het valt op dat kantoren hier nu mee promoten, maar wij doen dit al een lange tijd. Ook daarom weet de cliënt ons te vinden en komt de cliënt bij ons terug.

Komen de meeste medewerkers van de Universiteit Utrecht, of zijn andere universiteiten ook populair?
Gert Jan: We zien steeds meer verschillende universiteiten. Het kantoor was best wel Utrecht en Amsterdam georiënteerd, maar dat wordt steeds meer divers. We houden als kantoor wel lijstjes bij waar onze sollicitanten hebben gestudeerd en gewoond, maar dat verschilt per jaar. Wel denk ik dat veel van de jonge kantoorgenoten in Utrecht en Amsterdam wonen en de oudere generatie meer in de regio.

Momenteel promoveren jullie beiden naast je werkzaamheden als advocaat. Wat heeft hiertoe geleid?
Kirsten: Ik heb mijn promotietraject vanaf dag één gecombineerd met mijn werkzaamheden als advocaat. Ik heb mijn masterscriptie geschreven over secundaire aansprakelijkheid, en heb daarmee een aantal landelijke prijzen gewonnen. Vooral het onderwerp en de afbakening in de ‘zorgdragers’ was vernieuwend, denk ik. Op het moment dat ik klaar was met mijn bachelor had ik al als advocaat-stagiaire getekend bij Van Benthem en Keulen. Toen ik mijn masterscriptie had afgerond, vroeg mijn toenmalige scriptiebegeleider – nu promotor – of ik een proefschrift wilde schrijven over het onderwerp en mijn scriptie zo niet verder wilde uitdiepen. Dat ben ik toen, naast mijn werkzaamheden als advocaat, ook gaan combineren met de beroepsopleiding. Dat was soms wel echt even aanpoten, om alle ballen in de lucht te houden. De beroepsopleiding heb ik inmiddels anderhalf jaar geleden afgerond, dus er is in het weekend meer overzicht. Ook biedt kantoor een dag per week aan om aan mijn proefschrift te werken.

Hoe hopen jullie dat promoveren bijdraagt aan jullie werkzaamheden als advocaat?
Kirsten: Mijn proefschriftonderwerp is behoorlijk dogmatisch: hoe met de reikwijdte van secundaire zorgplichten om te gaan? Mijn toetsingskader is de (huidige) werking van het Nederlandse aansprakelijkheidsrecht en ik heb een vrij omvangrijke rechtsvergelijking met het Amerikaanse aansprakelijkheidsrecht gemaakt. Daar komen dus conclusies uit die niet allemaal direct in de praktijk toepasbaar zijn, maar meer antwoorden geven op abstractere (wenselijkheids)vragen. Mijn proefschrifttraject heeft mij wel een zeer nuttige en bruikbare kennisverdieping geboden: ik heb de instrumenten van het aansprakelijkheidsrecht – zowel in de vestigings- als de omvangsfase van de aansprakelijkheid – tot in den treure doorgrond en uitgediept. Dat maakt het voor mij in de praktijk en in de zaken die zich aanbieden, vrij gemakkelijk schakelen of ‘spelen’ met (verder verwijderde) aansprakelijkheidsvraagstukken.

Gert Jan: Ik herken mij wel in het antwoord van Kirsten. Ik heb ooit besloten dat ik een proefschrift wilde schrijven, omdat ik het zag als een kader waarbinnen ik een nog beter en hopelijk zo volledig mogelijk begrip zou krijgen van het Nederlands verbintenissenrecht. Het schrijven van een proefschrift is inherent een proeve van bekwaamheid: in hoeverre ben je in staat een onderzoeksvraag te formuleren en die te beantwoorden? Dat autonome onderzoek doen is iets wat je in de praktijk ook doet, maar dan naast het juridisch kader ook met de feiten.

Wat zouden jullie de Nijmeegse rechtenstudent mee willen geven?
Kirsten: Wat ik altijd tegen studenten zeg is: kijk goed om je heen en vraag jezelf af of je je prettig voelt bij een bepaald kantoor. Er zijn heel veel kantoren waar je juridische kwaliteit en uitdaging zult vinden, maar wat doorslaggevend zou moeten zijn is dat je je prettig voelt bij de mensen die er rondlopen, de cultuur die er heerst. Natuurlijk is het goed te kiezen voor een kantoor waar je jezelf kan ontplooien, waar je de uitdaging en kansen krijgt die je zoekt, maar (zeker) ook waar je elke dag met veel plezier naartoe fietst of rijdt. Dit is voor mij bij VBK uiteindelijk de doorslaggevende factor geweest.

Gert Jan: Heel concreet, ga zoveel mogelijk businesscourses doen bij verschillende kantoren. Ga zoveel mogelijk kantoorbezoeken doen. Loop maximaal twee stages. Ik zie niet de meerwaarde van nog meer stages. Om een kantoor enigszins te leren kennen is het volgens mij niet nodig dat je er twee maanden rondloopt. Spreek gewoon met het kantoor af voor een lunch, daar staan ze echt voor open. Zie het als winkelen, ga bij ieder kantoor even langs.

Kirsten: Om daaraan toe te voegen: probeer ook echt duidelijk te krijgen wat je werkzaamheden binnen het kantoor zullen inhouden. Let op dat je uiteindelijk het werk mag doen dat je leuk vindt, en niet jaren aan de zijlijn staat (tenzij je dat wilt, uiteraard). Dus, samenvattend, kijk goed naar je toekomstige patroon en vraag naar de stijl die hij of zij hanteert, kijk goed naar de mensen waar je iedere dag mee gaat werken en wees ook kritisch op de verantwoordelijkheden die je wilt en krijgt.

Gert Jan: Ik zou zeggen, nog meer samenvattend: ‘Pas ik hier als persoon, voel ik me er gelukkig. En bovenal, word ik er een fantastisch advocaat?’.

Reageer op dit bericht

Recente artikelen

Recente reactie

Door: Benni de Jong

Dit is een helder en verduidelijkend artikel!Al roept Vladimir Poetin ook bij mij enige wrevel en gruwel op, voor het voortbestaan van een land als Rusland is hij mijns inziens onmisbaar, al laat zijn politieke uitvoering zeer te wensen over. Zijn voorgangers waren zéker niet het antwoord op deze post-communistische (groot?)macht! Gorbatsjov was té voortvarend in zijn progressieve beleid, terwijl de vrouwen betastende, immer dronken Jeltsin er een puinhoop van maakte. In de jaren negentig was Rusland dan ook een broednest van criminelen, die vrijwel ongehinderd hun gang konden gaan : het tekende de geboorte van de Russische mafia, die, inmiddels naar het Westen doorverhuisd, onuitroeibaar blijkt te zijn! Poetin, tenslotte, "het gesorg dat alles wir reg gekom het"... welnu, veel dan toch.Volgens mij wordt het weer tijd voor het herstel van de post-tweedewereldoorlogse Sovjet-Unie (of het eerdere tsaristische Russische Rijk), qua grondgebied en mensenmassa dan, om een voorlopig tegenwicht te kunnen bieden aan opkomende grootheden als China en India, en wie weet aan welke landen in Azië en mogelijk ook in Latijns-Amerika en Afrika nog meer, voor zover die zich in de nabije toekomst zullen komen aandienen om een stuk van de machtstaart in de wereld mee te verorberen... Ook voor de rest van het noordelijk halfrond, ons leefgebied, zal dit een steun blijken te zijn.Het puntje "Nederlandse-taalgebruik" is nog wat zorgelijk bij Chantal. Echter, de schrijfster is een jongedame van 20 lentes, die zich in de loop der jaren op dat punt nog wel verder ontwikkelen zal. Haar opmerkzaamheid en historische verwijzingen laten niets aan scherpte en zorgvuldigheid te wensen over.Ga zo door, mejuffrouw Van der Welde!

Door: Carola Leenders

Mooi artikel Kyra! Trots op je!

Door: Erna Smittenberg

"Smittenberg" uiteraard ...:.)

Uw browser is niet meer van deze tijd!

Update uw browser om optimaal van deze website (en vele anderen) te genieten Nu updaten!

×