Verplichte anticonceptie: als een vrouw geen moeder mag worden

Door: ,

Oud-kinderrechter Cees de Groot heeft een petitie van de ‘Beraadgroep verplichte anticonceptie’ naar de Tweede Kamer gestuurd ter behandeling.[1] Daarin staat dat vrouwen die door hun verslaving, psychiatrische ziekte of verstandelijke handicap niet goed voor een kind kunnen zorgen, onder dwang een prikpil of een anticonceptie-implantaat kunnen krijgen. De expertgroep wil wettelijk vastleggen dat de Raad voor de Kinderbescherming en de Officier van Justitie de rechter kunnen verzoeken om iemand verplichte anticonceptie op te leggen. In beginsel gaat het hier om een tijdelijke maatregel. De maatregel zou moeten worden opgeheven wanneer de omstandigheden verbeteren. De Groot wilt met deze mogelijke maatregelen voorkomen dat kinderen slachtoffer worden van kindermishandeling of ernstige verwaarlozing.[2]

Wanneer zouden vrouwen voor deze regeling in aanmerking komen? Dat is het geval als ze geen voorbehoedsmiddelen willen accepteren en een gevaar vormen voor een toekomstig kind. Volgens het voorstel gaat dat op bij verslaving, besmetting met hepatitis B en C of hiv, een psychiatrische ziekte, een verstandelijke beperking en bewezen kindermishandeling of doodslag.[3]

Juridisch kader

Het College voor de Rechten van de Mens heeft op de website het standpunt omtrent verplichte anticonceptie voor vrouwen toegelicht.[4] Daaruit blijkt het volgende. Grondrechtelijk en verdragsrechtelijk bezien heeft eenieder recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Onder de bescherming van de persoonlijke levenssfeer vallen onder meer het recht op bescherming van de lichamelijke integriteit en het recht op zelfbeschikking.[5] Door het plaatsen van een implantaat of een spiraaltje wordt inbreuk gemaakt op de onaantastbaarheid van het lichaam. Het recht op onaantastbaarheid van het lichaam beoogt immers bescherming te bieden tegen ongewilde bemoeienis met het lichaam door anderen, zowel door burgers als door de overheid. Het is dan ook vaste jurisprudentie van het EHRM dat onvrijwillige medische behandelingen een inbreuk vormen op het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Dat geldt ook als de behandeling op zichzelf niet of nauwelijks belastend is.[6]

Daarnaast is het toedienen van hormonen of het plaatsen van bijvoorbeeld een spiraaltje op zichzelf al een inbreuk op de lichamelijke integriteit. Deze ingrepen zijn namelijk erg belastend. Bovendien kunnen deze vrouwen niet meer zelf beslissen of zij een gezin willen starten. De vrijheid om deze beslissing te nemen is eveneens een mensenrecht waar inbreuk op wordt gemaakt. Vrouwen hebben immers recht op gezondheid.[7]Onder dat recht valt ook het recht om vrijelijk over je eigen lichaam te kunnen beschikken. Dit omvat tevens de seksuele en reproductieve vrijheid. Concluderend gaat het om aantasting van de lichamelijke integriteit en het zelfbeschikkingsrecht. Daarmee wordt ook de menselijke waardigheid aangetast. Dat beginsel ligt per slot van rekening ten grondslag aan alle mensenrechten.[8]

Niet iedere inbreuk op een recht is automatisch ook een schending van het recht. Als aan een aantal voorwaarden is voldaan, kan een inbreuk op een recht immers gerechtvaardigd worden. De voorwaarden daarvoor zijn ook in verdragen vastgelegd. Een van de voorwaarden is dat de maatregel effectief moet zijn: draagt de maatregel daadwerkelijk bij aan het beoogde doel? In dit geval: draagt de verplichte anticonceptie bij bepaalde vrouwen bij aan het bestrijden van kindermishandeling? Door verschillende experts is deze vraag negatief beantwoord.[9] Dit komt onder andere doordat het niet goed mogelijk is om vooraf te weten bij welke vrouwen er een groot risico is. Daarnaast zijn veel gevallen waarin kinderen ernstig lijden het gevolg van hulpinstanties die langs elkaar heen werken en onvoldoende gebruikmaken van de mogelijkheden die ze hebben. Dit kan op een andere manier worden opgelost dan door een wettelijke mogelijkheid om een zwangerschap te voorkomen. Andere kritiek bestaat uit het feit dat er al mogelijkheden zijn om ongeboren kinderen te beschermen en dat er mogelijkheden zijn om bij onverantwoord ouderschap aan te dringen op het gebruik van anticonceptie. Daarnaast blijft tot op heden de rol van mannen buiten beeld.[10]

Met betrekking tot ouders met een verstandelijke beperking wordt nog het volgende opgemerkt. Naast bovenstaande regelgeving is er nog het VN-verdrag handicap. Het verdrag geeft mensen met een beperking of chronische aandoening recht op gelijke behandeling en gelijkwaardig meedoen. Daarenboven legt het verdrag expliciet het recht vast om in vrijheid en bewust te kunnen beslissen over het gewenste aantal kinderen en geboortespreiding.[11] Bij dit artikel heeft het Koninkrijk der Nederlanden een interpretatieve verklaring afgelegd waarbij aansluiting wordt gezocht bij het tweede lid van het desbetreffende artikel.[12] In dit lid is aangegeven dat bij het waarborgen van rechten en verantwoordelijkheden van personen met een beperking omtrent zaken als voogdij, curatele, zaakwaarneming en adoptie van kinderen of soortgelijke instituties, in alle gevallen de belangen van het kind voorop dienen te staan. De interpretatieve verklaring voorziet in een vergelijkbare weging van belangen in situaties waarin sprake is van een nog toekomstig kind: ook bij deze belangenafweging staat het kind voorop.  Op deze interpretatieve verklaring is destijds kritisch gereageerd door onder meer de Raad van State en het College voor de Rechten van de Mens. Het is dus nog maar de vraag in hoeverre dit verdrag ruimte biedt voor verplichte anticonceptie. 

Andere initiatieven?

Het belang van het kind om in een veilige en gezonde omgeving op te groeien is een mensenrecht.[13]Mensenrechtenverdragen verplichten de overheid daarom tot het nemen van maatregelen om kindermishandeling te voorkomen.[14] Staten moeten er alles aan doen om kindermishandeling te voorkomen en te bestrijden. Hieronder volgt een kleine greep uit de mogelijkheden die nu al bestaan om kindermishandeling tegen te gaan.

Er bestaan al projecten om vrijwillige anticonceptiebegeleiding te starten voor kwetsbare moeders. Deze projecten zijn succesvol: 70% van de bereikte mensen werkt mee. Dat 30% buiten begeleiding blijft, is echter een probleem.[15] Over het algemeen is er dan een rol weggelegd voor de Raad van de Kinderbescherming. De Raad van Kinderbescherming wordt ingeschakeld als er ernstige zorgen zijn over de opgroei- en opvoedsituatie van een kind.[16] Indien dat met het oog op het belang van het kind noodzakelijk is, kan de Raad voor de Kinderbescherming de kinderrechter om het opleggen van een beschermingsmaatregel verzoeken. De Raad van de Kinderbescherming doet onderzoek naar de noodzaak tot een beschermingsmaatregel en adviseert ook welke gecertificeerde instelling het best passend is voor de uitvoering daarvan voor het betreffende gezin.  Er zijn drie verschillende kinderbeschermingsmaatregelen die de kinderrechter kan opleggen:

1. De kinderrechter kan jeugdigen die opgroeien in een situatie waarin hun welzijn of gezondheid bedreigd wordt onder toezicht stellen, waarbij het gezag van de ouder beperkt wordt.[17]

2. Als de ondertoezichtstelling niet afdoende is, kan een kind door de kinderrechter uit huis worden geplaatst.[18]

3. De kinderrechter kan het ouderlijk gezag beëindigen. Dit kan alleen in zeer uitzonderlijke gevallen, namelijk als de rechter is gebleken dat een minderjarige op zodanige manier opgroeit dat hij in zijn ontwikkeling ernstig wordt bedreigd en de ouder niet de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding in staat is te dragen, dan wel als de ouder het gezag misbruikt.[19]

Daarnaast is er al een scala aan maatregelen om zwangere vrouwen te begeleiden. Het is zelfs mogelijk om een kind al tijdens de zwangerschap onder toezicht te stellen.[20]

Wat brengt de toekomst?

Wat de toekomst zal brengen is nog maar de vraag. Bij het huidige voorstel zijn veel juridische kanttekeningen te plaatsen. Vooralsnog lijkt er bij de politiek ook geen wens te zijn om een dergelijke vergaande maatregel te introduceren. Bij de landelijke partijen wordt de petitie namelijk zeer terughoudend ontvangen.[21] Er is veel begrip voor schrijnende situaties, maar vooralsnog lijkt verplichte anticonceptie een brug te ver. 


[1] F. Bouma, ‘Oud-kinderrechter dient petitie in voor verplichte anticonceptie’, NRC 27 oktober 2020. 

[2] E. van der Aa, ‘Expertgroep: Geef vrouwen die ongeschikt zijn als moeder gedwongen anticonceptie’, AD 27 oktober 2020. 

[3] Idem.

[4] College voor de Rechten van de Mens, ‘Verplichte anticonceptie voor vrouwen op gespannen voet met mensenrechten’, mensenrechten.nl 28 oktober 2020. 

[5] De persoonlijke levenssfeer en de lichamelijke integriteit vallen binnen de reikwijdte van art. 10 en 11 Gw en art. 8 EVRM. 

[6] Zie bijv. EHRM 9 maart 2004, Glass/Verenigd Koninkrijk, appl. nr. 61827/00, par. 82-83.

[7] Art. 12 Vrouwenverdrag.

[8] Zie o.a. B. van Beers, ‘Menselijke maakbaarheid, menselijke waardigheid en de mensenrechten. Over de maakbare mens en conflicterende interpretaties van de menselijke waardigheid’, NTM/NJCM-bull. 2010, nr. 8, p. 1000. 

[9] I. Boerefijn, ‘Verplichte anticonceptie voor vrouwen is in strijd met mensenrechten’, NJB 2017/722, p. 865-866.

[10] I. Boerefijn, ‘Verplichte anticonceptie voor vrouwen is in strijd met mensenrechten’, NJB 2017/722, p. 865-866.

[11] Art. 23 VN-verdrag handicap. 

[12] Initiële rapportage over de implementatie door Nederland van het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap. 

[13] Dit volgt uit verschillende rechten van het VN-Kinderrechtenverdrag, zie o.a. art. 5 en 11. 

[14] Art. 19 VN-Kinderrechtenverdrag.

[15] E. van der Aa, ‘Expertgroep: Geef vrouwen die ongeschikt zijn als moeder gedwongen anticonceptie’, AD 27 oktober 2020.

[16] https://www.kinderbescherming.nl/themas/gezag-en-omgang/gezag–omgang-rol-van-raad-voor-de-kinderbescherming

[17] Art. 1:255 BW. 

[18] Art. 1:265a BW e.v. 

[19] Art. 1:266 lid 1 BW. 

[20] Art. 1:255 BW. 

[21] E. van der Aa, ‘Expertgroep: Geef vrouwen die ongeschikt zijn als moeder gedwongen anticonceptie’, AD 27 oktober 2020.

Reageer op dit bericht

Recente artikelen

Recente reactie

Door: Benni de Jong

Dit is een helder en verduidelijkend artikel! Al roept Vladimir Poetin ook bij mij enige wrevel en gruwel op, voor het voortbestaan van een land als Rusland is hij mijns inziens onmisbaar, al laat zijn politieke uitvoering zeer te wensen over. Zijn voorgangers waren zéker niet het antwoord op deze post-communistische (groot?)macht! Gorbatsjov was té voortvarend in zijn progressieve beleid, terwijl de vrouwen betastende, immer dronken Jeltsin er een puinhoop van maakte. In de jaren negentig was Rusland dan ook een broednest van criminelen, die vrijwel ongehinderd hun gang konden gaan : het tekende de geboorte van de Russische mafia, die, inmiddels naar het Westen doorverhuisd, onuitroeibaar blijkt te zijn! Poetin, tenslotte, "het gesorg dat alles wir reg gekom het"... welnu, veel dan toch. Volgens mij wordt het weer tijd voor het herstel van de post-tweedewereldoorlogse Sovjet-Unie (of het eerdere tsaristische Russische Rijk), qua grondgebied en mensenmassa dan, om een voorlopig tegenwicht te kunnen bieden aan opkomende grootheden als China en India, en wie weet aan welke landen in Azië en mogelijk ook in Latijns-Amerika en Afrika nog meer, voor zover die zich in de nabije toekomst zullen komen aandienen om een stuk van de machtstaart in de wereld mee te verorberen... Ook voor de rest van het noordelijk halfrond, ons leefgebied, zal dit een steun blijken te zijn. Het puntje "Nederlandse-taalgebruik" is nog wat zorgelijk bij Chantal. Echter, de schrijfster is een jongedame van 20 lentes, die zich in de loop der jaren op dat punt nog wel verder ontwikkelen zal. Haar opmerkzaamheid en historische verwijzingen laten niets aan scherpte en zorgvuldigheid te wensen over. Ga zo door, mejuffrouw Van der Welde!

Door: Carola Leenders

Mooi artikel Kyra! Trots op je!

Uw browser is niet meer van deze tijd!

Update uw browser om optimaal van deze website (en vele anderen) te genieten Nu updaten!

×